De Amsterdamse Krant

5 augustus 2017

De Amsterdamse Krant 5 augustus 2017


De artiesten - de kinderen - stralen in Circus Elleboog

Koningin Juliana en prins bernard wonen een voorstelling bij van Circus Elleboog.

Naar aanleiding van het feit dat Circus Elleboog, de grootste circusschool van Nederland, zaterdag 2 en zondag 3 september het Zomercircus Festival in het Bijlmerparktheater en op het Bijlmerparkterrein in Amsterdam organiseert. Het was aanleiding voor ons om te vragen nar bijdragen over dat circus. Die kregen we, en we grijpen terug naar een eerder in de Amsterdamse Krant gepubliceerd artikel van Siegfried Regeling over Circus Elleboog.

door Henny van der Sluijs
Aan Circus Elleboog heb ik heel leuke herinneringen. Mijn jongste dochter heeft namelijk prachtige capriolen uitgehaald bij Kindercircus Elleboog en ik heb enkele voorstellingen mogen meemaken, waarbij ik bij 1 voorstelling zelfs deel uitmaakte van de 3-koppige jury, die bestond uit de vader van een ander kind, een leuke grote zus van weer een andere artiest en mijn persoontje. Het thema was "Idols in het circus". We kregen pen en papier, werden op de voorste rij aan een tafeltje gezet en moesten de acts beoordelen, wat natuuuuurlijk uitkwam op: ALLEMAAL DE 1E PRIJS! Toen Marlon, die de acts heel gezellig aan elkaar babbelde, vroeg of de jury de acts in 1 woord kon samenvatten, riep ik spontaan: "FAN-TAS-TISCH!" Alle lettergrepen los van elkaar en benadrukt. De artiesten stráálden, dat begrijpen jullie. Bij een andere voorstelling ben ik me 1x wezenloos geschrokken, toen Jolanda aan de hoepel stuntte (een soort trapeze-act) en ineens vanuit zit achterover uit de hoepel leek te vallen. Ze bleef perfect aan haar enkels en voeten hangen, maar ondertussen zat ik met mijn hart "achter mijn ogen" van schrik. Toen ik er na de voorstelling iets van zei, lachte ze alleen maar met de mededeling, dat iedereen móést schrikken bij zoiets, want "dat gebeurt in een volwassenencircus toch ook?"

Eenwielfietsen
Mijn dochter heeft op ook op eenwielfietsen en als presentatrice haar kunsten getoond in drie verschillende voorstellingen. Toen ze afscheid nam, omdat ze met het pleeggezin, waarin ze met haar iets oudere zus woonde naar Groningen ging verhuizen, vertelde Marlon mij, dat ze het allemaal heel jammer vonden, dat ze Jolanda kwijt raakten. Ze was geestelijk geweldig gegroeid in die 3 jaar, helemaal losgekomen en moest soms afgeremd worden, omdat ze het af en toe wat te bont maakte en de hele boel aan de gang maakte. En dan te denken, dat ze bij de 1e repetitie amper iemand van de groep durfde aan te kijken. Voor mij geldt nog steeds: LEVE KINDERCIRCUS ELLEBOOG!

door John van ter Meij

Tien jaar oud was ik dat ik op Ccircus Elleboog zat dat was gevestigd op de galerij van het Paleis voor Volksvlijt aan het Frederiksplein. Ik was als straatschoffie uitgezocht om bij 't Lieverdje op het Spui samen met een meisje een opening van ik weet niet meer precies wat te verrichten. De burgemeester van Amsterdam was erbij, en tante Ied natuurlijk die altijd voor ons zorgde bij Circus Elleboog.
Lees meer over Circus Elleboog op de volgende twee pagina's.

Nieuwe raadplaat: een statige straat

De nieuwe raadplaat waar u uw tanden op kunt stukbijten is er één van een statige straat dan wel laan. De foto is genomen in een trijd dat auto's nog een zeldzaamheid waren, want tegenwoordig is het wel 'iets' drukker met mobiel blik.
Weet u waar de foto is genomen en heeft u mooie anekdotes? Wij zijn er gek op. U kunt uw inzending mailen naar info@amsterdamsekrant.nl

Speedboten

Foto: Geheugenvanwest.nl

'De drie uren van Amsterdam' was aan het begin van de jaren zeventig een spectaculaire race van speedboten in Amsterdam. Eerst op de Amstel, daarna in de Westelijke havens. Op 26 augustus 2012 was op de Bosbaan nog een wedstrijd (van de zogeheten klasse T-250, met relatief kleine boten), maar daarna is de sport doodgebloed. Wij zijn nu op zoek naar herinneringen hieraan.
Uw reactie - liefst met beeldmateriaal - kunt u mailen naar info@amsterdamsekrant.nl.

Paard ben ik geweest. Het paardenhoofd was bewerkt met een figuurzaag

De 10 geboden van Circus Elleboog. Foto: Siegfried Regeling

Siegfried Regeling schreef een prachtige bijdrage over het voormalige Paleis voor Volksvlijt, waar in De Galerij Circus Elleboog startte. We publiceerden dit artikel al twee jaar terug, maar we vinden het te mooi om er niet nog een keer op terug te komen, over twee pagina's liefst. We weten namelijk zeker dat we hier veel mensen blij mee maken.

door Siegfried Regeling
Het Paleis voor Volksvlijt was prachtig gelegen met rondom herenhuizen. Het stond op een unieke locatie omdat het centraal stond, dicht bij het Amstelhotel. Een directe verbinding met de Utrechtsestraat richting Rembrandtplein en aan de andere kant de Weteringschans richting Leidseplein. In de nabijheid van het Paleis voor Volksvlijt waren cafés. Aan de zijkant van De Galerij was het Paleisterras. Het was bekend dat Indische jongens hier naartoe kwamen en commotie veroorzaakten wat uitliep op vechtpartijen met Nederlandse jongens. Zelf heb ik het nooit meegemaakt, maar ik heb het van horen zeggen.
Het voormali­ge Paleis voor Volksvlijt, waar nu de Nederlandse bank staat, was een hypermodern theater. Het gebouw was uniek en bestond uit marmer en glas dat volgens kenners onbrandbaar was. Het is in één nacht uitgebrand, vermoedelijk ontstaan door kortsluiting. De Galerij was in een U-vorm gebouwd en in het midden stond het theater dat nu een naargeestig grasveldje was.

De Galerij
In de Galerij waren winkels met grote ramen, voor sommige zaten koperen of bronzen stangen ter hoogte van je handen. Veel van de winkels stonden leeg. Een lampenzaak was een van de laatste winkel die nog functioneerde, volgens mij is die verhuisd naar de Weteringschans. Boven de winkels waren kleedkamers voor artiesten voor het Paleis voor Volksvlijt bedoeld. Na de brand, toen alleen De Galerij over was, hoorde je dat er mensen zoals Gerard Reve met zijn vrouw Henriëtte daar hadden gewoond. In De Galerij was aan een gevel een toverballenautomaat bevestigd, die regelmatig bijgevuld werd en waar kinderen veel gebruikt van maakten. Het sabbelen op de grote toverballen veranderde de kleur en het duurde lang voordat ze op waren. Kinderen keken er verlekkerd naar en je gaf ze door aan anderen zodat die er ook plezier aan hadden.

Rolschaatsen
In De Galerij ging ik wel eens rolschaatsen; de ijzeren wieltjes gleden weg, bochten maken en remmen was moeilijk en remmen kon al helemaal niet. Ik ging regelmatig onderuit door de spekgladde vloer. De granietvloer zag eruit als marmer, gedecoreerd met vierkante bandenpatronen van verschillende kleuren bruin, grijs en zwart. Om de zoveel meter waren bruine zuilen, daartussen ijzeren hekjes, van hoog naar laag, in een halve boog met spijlen met scherpe punten geplaatst.

Circus Elleboog, 1950
De kinderen in onze straat vertelden dat er een kindercircus was gekomen in De Galerij en dat het een initiatief was van Pro Juventute. We wisten niet wat dat betekende en het woord Pro Juventute sprak niemand aan. Op een gegeven moment ben ik ernaartoe gegaan, alleen al door het woord Pro Juventute. Het kindercircus Elleboog was gevestigd aan het Oosteinde nummer 7 van De Galerij.

Leven in de brouwerij
Door het kindercircus kwam er opeens leven in de brouwerij. Het werd door kinderen gezien als een kinderparadijs. Ik was een tijd niet geweest en was verbaasd dat er zo veel kinderen speelden. Ik werd voorgesteld aan de oprichtster van het kindercircus, mevrouw Ied Last, de vrouw van de schrijver Jef Last, die in de Spaanse oorlog tegen de fascisten had gevochten. Ik was meteen verkocht door haar innemendheid. Ik vond Elleboog voor een kindercircus een rare naam. Ze hebben mij verteld dat dit afgeleid was van het beroemde Zwitserse Circus Knie.

Ik was paard
Paard ben ik in het circus geweest. Het paardenhoofd was van hout en bewerkt met een figuurzaag. Twee riempjes over de schouders en daaromheen een donkere doek, vastgemaakt aan een bamboe frame. We droegen een maillot of zwarte kousen en liepen op klompschoentjes hoog en licht op de tenen, de knieën hoog opgetrokken, op de maat van de muziek, huppelend achter de meisjes aan. De muziek was van Circus Renz. We liepen heel elegant paard te zijn. Als we moesten optreden waren we zenuwach­tig en stonden te wachten in de coulissen, zoenden op onze duimen en maakten een duidelijk hoorbaar geluid tussen getuite lippen en wensten elkaar toitoitoi. Dan duwden we elkaar het toneel op en waren we over onze plan­ken­koorts heen.

Rudi, een halfbloed
Ik was bevriend met Rudi, een halfbloed. Hij kwam uit een gemengd huwelijk, een donkere vader uit Suriname en een Nederlandse moeder. Dat hadden we nog niet eerder gezien en meegemaakt in onze omgeving, maar voor ons maakte het niet uit. Hij hoorde er gewoon bij. Ik geloof niet dat hij zich ooit gediscrimineerd heeft gevoeld. Hij kon met iedereen goed overweg. Ik geloof niet dat hij door iemand aangesproken werd over zijn huidskleur. We zagen het niet en spraken er nooit over.
Hij was ook behendig met de eenwieler en we hadden verschillende nummers bedacht. We oefenden met eenwielers die gemaakt waren van rechtgebogen voorvorken van fietsen.

De rode eenwieler
We hadden andere attributen in De Galerij waar we behendig mee waren. Met een stel jongens hebben we verschillende acts uitgeprobeerd en geperfectioneerd. Ik mocht bij hoge uitzondering de rode eenwieler mee naar huis nemen en reed er geregeld mee door de straten, waar met belangstelling naar gekeken werd. Op een gegeven moment hoorden wij dat Rudi door een auto-ongeluk overleden was. Wij waren er kapot van. Ik trok veel op met een jongen die altijd een bruinleren vliegenierspetje droeg, met losse oorkleppen. Zijn naam heb ik nooit geweten. Voor mij was hij 'de vliegeniersjongen'.

De heer Grock
We hoorden dat er een respectabe­le Zwitserse clown, de heer Grock bij Circus Elleboog op bezoek zou komen. We konden bijna niet wachten om hem te ontmoeten en voelden ons zeer vereerd dat hij naar ons circus zou komen kijken. Op een gegeven moment werden we aan hem voorgesteld: de heer Grock, de wereldberoemde clown van Circus Knie. Het was een bijzonder aardige man. We vonden dat hij zonder schmink er zó gewoon uitzag. Hij was onder de indruk van wat wij deden en maakte complimen­ten. Wij waren trots dat te horen. Hij moedigde ons aan vooral door te gaan.

(Onderstaande gegevens over dhr. Grock heeft Siegfried Regeling overgenomen van Wikipedia:
Grock de Clown (werkelijke naam Charles Adrien Wettach) was een beroemde Zwitserse acrobaat, muzikant, clown en componist. Hij was de zoon van een joodse vader Jean Adolphe Wettach en moeder Cecile Péquegnat. Hij beheerste 24 instrumenten en speelde virtuoos viool, piano en harmonica. Hij droeg enorme floppy schoenen, enorme Schlabbes broeken en kleine instrumenten waren zijn handelsmerk evenals zijn kreet Waruuuuuum?, gevolgd door een Nit möööööglich! Hij sprak vloeiend 6 talen: Frans (moedertaal), Engels, Italiaans, Duits, Spaans, Tsjechisch en Hongaars. Vanaf 1933 werd Grock in Duitsland door de nazileiders aanbeden in tegenstelling tot wat de Zwitsers na de Tweede Wereldoorlog over hem dachten en hij felle kritiek van hen kreeg te verduren. Kort voor het uitbreken van de oorlog nam Grock afscheid van het toneel en circus en keerde naar zijn villa in Oneglia terug. In 1944 vluchtte hij naar Zwitserland en vervolgens kwam hij terug in Italië. In 1951 werd door Grock zijn eerste circusbedrijf opgericht. In 1954 trok hij zich terug in zijn Villa Bianca in Italië en stierf er op 14 juli 1959.

'Er was totaal geen rot in het gebouw!'

De Naria Magdalena met haar majestueuze spitsen.

door Nicolaas Scharn
Het beeld zit in mijn hersenpan geëtst. De landerijen met aan de horizon een dorpje en een torenspits. In de stad waren de spitsen hoger. De mensen die autoriteit over je hadden, waren de bovenmeester en meneer pastoor. Het moet allemaal niet té plotseling weg, wil ik, voel ik. Het trékt toch. Dáár, de Posthoornkerk waar mijn ouders trouwden! Dáár de Willibrordus die,…o nee die is afgebroken. Dan de Augustinus aan de Postjesweg waar ik jaren trompet speelde tijdens de vieringen en feestelijkheden,..o nee,…ook al weg! Er staat nu een kleine kapel op de Postjesweg 123. Binnenkort vier ik daar een reünie met mensen die 50 jaar geleden een koor begonnen dat uitmondde in een jeugdkoor in de toen trotse Augustinus.

Spaarndammerbuurt, jaren vijftig

De Spaarndammerbuurt in de jaren vijftig. Een rooie buurt. Pierre Cuypers, de katholieke-kerkenbouwer rukte op naar het noorden en daar schiep hij meteen bij de entree van deze authentieke volkswijk een hoogstandje van een sierlijke Roomsche 'kathedraal' die kwam te staan op een onooglijk stukje grond. De Maria Magdalena! Alleen Cuypers was hiertoe in staat. Hij had zich laten inspireren door de Onze Lieve Vrouwe-kerk te Trier.

Nicolaas Scharn gaat ter communie.

Gezellige jeugd

Wat een gezellige jeugd had ik in die buurt! Met de kerk waren we ook verbonden. We gingen er naar de mis. Onze kleuterscholen en lagere scholen waren verbonden aan de kerken en aanpalende kloosters. Als kleuter had ik les van de nonnen, waarbij mijn kleuterjuf zuster Teresia mij elke dag bij het verlaten van de school een kuise kus (op de wang?) gaf. Mijn oudste broer speelde hier al op zijn elfde op het grote kerkorgel, iets wat ie nu na zestig jaar nog steeds doet, en ons gezin zat daar ellenlange kerstmissen - met drie voorgangers en een zeer koude kerk - uit, waarbij je soms achter een pilaar zat en de kou, ondanks je pyjamabroek onder je kleding, langzaam bezit nam van je hele onderstel. Knielen op een kussentje kon ook, maar dat was niet voor het klootjesvolk.
Tijdens de plechtigheid van mijn eerste communie, beet ik per ongeluk op de hostie. Ik heb direct maandenlang mijn excuses aangeboden. Mijn tante naaide een colbert plus korte boek en daar ging ik op de kiek in de kloostertuin, compleet met ongeopende missaal in de rechterhand.

Prachtige Magdalenaspitsen

Nadat we vanwege gezinsuitbreiding en te kleine behuizing wegverhuisd waren naar de westelijke tuinsteden, reed ik uit nostalgie nog vaak even door de buurt, of keek ik vanuit de trein naar die prachtige Magdalenaspitsen. Het beeld zit in mijn hersenpan geëtst. Maar dan gaat door de ontkerkelijking en andere factoren de een na de andere monumentale en beeldbepalende kerk tegen de vlakte. Niet de Magadalena, denk je dan, hoop je dan. Maar helaas. In 1964 zou er 'steenrot' in het fundament of een der stenen pilaren zitten. Parochiaan van der Pal kaart het aan en waratje, een paar jaar later wordt de 'Lena' gesloopt!
De mensen zijn onthand en zelfs de rooie Spaarndammerbuurters fronzen de wenkbrauwen. Later blijkt dat de sloop waarschijnlijk helemaal niet nodig was. De slopers bevestigen het. 'Er was totaal geen rot in het gebouw, deze kerk zat goed en hecht in elkaar!'

Het beeld blijft in mijn hersenpan geëtst.

Een traan vormt zich op mijn wang.

'Er was totaal geen rot in het gebouw, deze kerk zat goed en hecht in elkaar!'

De Maria Magdalena met z'n prachtige spitsen.

door Nicolaas Scharn
Het beeld zit in mijn hersenpan geëtst. De landerijen met aan de horizon een dorpje en een torenspits. In de stad waren de spitsen hoger. De mensen die autoriteit over je hadden, waren de bovenmeester en meneer pastoor. Het moet allemaal niet té plotseling weg, wil ik, voel ik. Het trékt toch. Dáár, de Posthoornkerk waar mijn ouders trouwden! Dáár de Willibrordus die,…o nee die is afgebroken. Dan de Augustinus aan de Postjesweg waar ik jaren trompet speelde tijdens de vieringen en feestelijkheden,..o nee,…ook al weg! Er staat nu een kleine kapel op de Postjesweg 123. Binnenkort vier ik daar een reünie met mensen die 50 jaar geleden een koor begonnen dat uitmondde in een jeugdkoor in de toen trotse Augustinus.

Spaarndammerbuurt, jaren vijftig

De Spaarndammerbuurt in de jaren vijftig. Een rooie buurt. Pierre Cuypers, de katholieke-kerkenbouwer rukte op naar het noorden en daar schiep hij meteen bij de entree van deze authentieke volkswijk een hoogstandje van een sierlijke Roomsche 'kathedraal' die kwam te staan op een onooglijk stukje grond. De Maria Magdalena! Alleen Cuypers was hiertoe in staat. Hij had zich laten inspireren door de Onze Lieve Vrouwe-kerk te Trier.

Nico Scharn gaat ter communie.

Gezellige jeugd

Wat een gezellige jeugd had ik in die buurt! Met de kerk waren we ook verbonden. We gingen er naar de mis. Onze kleuterscholen en lagere scholen waren verbonden aan de kerken en aanpalende kloosters. Als kleuter had ik les van de nonnen, waarbij mijn kleuterjuf zuster Teresia mij elke dag bij het verlaten van de school een kuise kus (op de wang?) gaf. Mijn oudste broer speelde hier al op zijn elfde op het grote kerkorgel, iets wat ie nu na zestig jaar nog steeds doet, en ons gezin zat daar ellenlange kerstmissen - met drie voorgangers en een zeer koude kerk - uit, waarbij je soms achter een pilaar zat en de kou, ondanks je pyjamabroek onder je kleding, langzaam bezit nam van je hele onderstel. Knielen op een kussentje kon ook, maar dat was niet voor het klootjesvolk.
Tijdens de plechtigheid van mijn eerste communie, beet ik per ongeluk op de hostie. Ik heb direct maandenlang mijn excuses aangeboden. Mijn tante naaide een colbert plus korte boek en daar ging ik op de kiek in de kloostertuin, compleet met ongeopende missaal in de rechterhand.

Prachtige Magdalenaspitsen

Nadat we vanwege gezinsuitbreiding en te kleine behuizing wegverhuisd waren naar de westelijke tuinsteden, reed ik uit nostalgie nog vaak even door de buurt, of keek ik vanuit de trein naar die prachtige Magdalenaspitsen. Het beeld zit in mijn hersenpan geëtst. Maar dan gaat door de ontkerkelijking en andere factoren de een na de andere monumentale en beeldbepalende kerk tegen de vlakte. Niet de Magadalena, denk je dan, hoop je dan. Maar helaas. In 1964 zou er 'steenrot' in het fundament of een der stenen pilaren zitten. Parochiaan van der Pal kaart het aan en waratje, een paar jaar later wordt de 'Lena' gesloopt!
De mensen zijn onthand en zelfs de rooie Spaarndammerbuurters fronzen de wenkbrauwen. Later blijkt dat de sloop waarschijnlijk helemaal niet nodig was. De slopers bevestigen het. 'Er was totaal geen rot in het gebouw, deze kerk zat goed en hecht in elkaar!'

Het beeld blijft in mijn hersenpan geëtst.

Een traan vormt zich op mijn wang.

Daan de Groot

Daan de Groot.

door Luuk Wijmans

Mensen vinden me steeds meer een cynicus, die beter door de tram kon worden overreden. Zo'n Kankerpit die al meer dan 70 jaar de kritische Amsterdammer uithangt, die nooit meer dan zes weken buiten die stad z'n leven leefde en weinig helden heeft.

Porsius
Dat is wel anders geweest, met die helden. Ik was negen. We voetbalden in de Sassenheimstraat voor Porsius, magazijn voor al uw rokerswaren. De getergde winkelier vreesde steeds voor een bal door de ruit. Maar dit keer bevestigde hij lachend een uitslagenpapier van de Tour de France 1955 op het etalageraam. De rit naar Albi was gewonnen door Daan de Groot met 20 en een halve minuut voorsprong op het peloton. De radio bracht het ene na het andere verslag van de heldentocht. De Groot was in de hitte achterop geraakt, had in de akker koolbladeren geplukt en op zijn schedel gelegd tegen de koperen ploert en vleugels gekregen, het peloton in stomme verbazing achterlatend.

Zijn kracht heette hij te ontlenen aan het fietsen door Amsterdam van kinds af aan om boodschappen te bezorgen vanuit de kruideniers- of melkwinkel, waar hij opgroeide. Wij naar de heilige plek op de hoek van de Overtoom en de Frederikstraat. Winkel gesloten, geen feestgedruis. Maar na de slotetappe werden we rijkelijk beloond. In Bellevue werden journaabeelden getoond. Je kon zo naar binnen met een kaartje uit het bonboekje van het Vakantie Kinder Feest.

Bonboekje
Dat bonboekje gaf in die eindeloze vakantie ook recht op een bezoek aan Artis of het waterorgel. In de afgeladen zaal staarde iedereen naar het zelfde punt. Daar zat Daan de Groot zelf tussen zijn wielervrienden. Toen de ontsnapping in beeld werd gebracht voelde je een rilling door de zaal gaan. Een golf van geluid steeg pas op, toen onze Daan getoond werd toen hij door de Rondemiss gezoend werd op beide wangen en ik weet zeker dat ie bloosde.
Mijn held is niet oud geworden. Hij heeft de 50 niet gehaald. Na de dood van zijn vrouw sloeg hij de hand aan zichzelf.

Margot Frank, de zus van Anne, zat hier op school

De Jekerschool die later Vondelschool werd.

In elke editie van de Amsterdamse Krant publiceren we de raadplaat, waarbij we de lezers laten raden waar foto's uit de collectie van Simon Blokland, foto's die lezers hebben ingestuurd of foto's die we ergens zijn tegengekomen, zijn gemaakt. Voor een groeiend aantal trouwe lezers is het inmiddels een leuk tijdverdrijf. Soms zijn de foto's makkelijk, soms moeilijk, maar over het algemeen krijgen we veel inzendingen. Het betrof deze keer een foto van de jekerschool aan de Jekerstraat in Zuid, die later Vondelschool werd genoemd.

Grappig. Op het moment dat je een foto van een school publiceert, zijn er altijd veel reacties van (oud)Amsterdammers die de school menen te kennen als hun school. Maar vaak zitten ze ernaast. Blijkbaar lijken scholen veel op elkaar.

Jan Maijenschool
Marja Moët meldt: "Volgens mij is dit de Jan Maijenstraat met de Jan Maijenschool. Zo heette de school in mijn tijd. Ik ben van 1945 en heb daar op het "kak"schooltje gezeten bij juffrouw Van den Berg. Dit was omstreeks 1949/1950. Zou het leuk vinden als ik het goed geraden heb."

Toen de Jekerstraat minder maagdelijk was, werd de school zelfs onderwerp van een ansichtkaart.
Het onderwijzend personeel van de Jekerschool, maar wie zijn het? Inzender René Polanus hoopt dat lezers het weten.
Het getuigschrift dat René Polanus met goed gevolg de school heeft gevolgd.

Javaplantsoen
Ruud Fontijn laat monter weten: "Dit is het schoolgebouw aan het Javaplantsoen. Helaas geen pakkende anekdote."
Maaike de Graaf zit op hetzelfde spoor als Ruud: "Dit is het Javaplantsoen met twee openbare lagere scholen. De bouw werd aanbesteed in 1926. Op nummer 17 oorspronkelijk de Ternateschool en later huisde hier de Niasschool op nummer 19 oorspronkelijk de Insulinde School en later huisde hier de Anthonie van Diemenschool. Het is nog steeds in gebruik als school: Sipi Interculturele Participatie en er is een bedrijfje Mrs. Robinson Photography gevestigd."

Roerstraat
Jolien Smits schrijft: "Volgens mij is het de school in de Roerstraat. Ik heb daar in 1947 op school gezeten. In de linker hoek was een onderdoorgang naar de Vrijheidslaan. Daar zat ook de schoolarts, dr Frey." Deze oplossing begrijpen we pas later heel goed, want René Polanus schrijft hieronder in zijn bijdrage dat de Roerstraat het spiegelbeeld is van de Jekerstraat.

HYGIENAPLEIN
J. de Wit heeft het ook niet goed met zijn oplossing: "De oplossing van de raadplaat is Het HYGIEAPLEIN." In hoofdletters geschreven, en in hoofdletters NIET GOED.
Jaap Kaan houdt het op dezelfde school: "Volgens mij is dit de Vincent van Goghschool aan het Hygieaplein in Amsterdam zuid. Zelf heb ik hier op school gezeten van 1950 tot 1955. Naar mijn mening was dit een school met een zeer goede reputatie. Ik heb er dan ook veel geleerd. De namen van de leraren waarvan ik les heb gehad waren G.A. v.d. Tempel, van de Berg, Swank en Flagh. Hieraan heb ik nog goede herinneringen."

Indische buurt
Ans Pruis komt uit bij weer een heel andere school: "Volgens mij is deze keer de raadplaat in de Indische buurt. Wij hadden daar familie wonen, in de Madurostraat. Het gebouw op de raadplaat staat op het Javaplantsoen. In dat gebouw zaten twee scholen waarvan de namen me zijn ontschoten. Volgens mij zaten die scholen op nummer 17 en 19."

Vondelschool
Helaas, deze scholen zijn het allemaal niet, waarbij we deze inzenders net als degenen die het wel bij het goede eind hadden natuurlijk hartelijk danken voor hun medewerking. Maar dan komen we bij de goede inzenders, te beginnen met A. Staats-Wessels, thans woonachtig in Almere-Haven, die laat weten: "Dit beeld komt mij heel bekend voor. Volgens mij is het de Vondelschool in de Jekerstraat. Hier heb ik van 1955 tot 1961 op school gezeten." Ook Ad Tiggeler en Ruud Fontijn hebben het goed, maar hebben er geen anekdotes bij.

Geparkeerde auto's
Karin van der Vuurst mailt: "Volgens mij is het de Jekerstraat. Wij noemden dit het Jekerplein. Uit de tijd dat ik de Jekerstraat ken, was het al vol met geparkeerde auto's waar op de foto de leegte ons tegemoet straalt. Er was een zandbak en wat speeltoestellen. Wij (mijn broertje, zusje, nichtjes en ik) liepen er heen als we bij mijn oma en opa waren die op de Churchilllaan woonden. Door een poortje kwam je van de Churchilllaan op het "Jekerplein"....

Standaard schoolgebouw
René Polanus, advocaat in ruste, blaast echt in de bus en is een bijzonder opgewekt persoon: "Goeie (zondag)morgen, Het is een typisch standaard schoolgebouw, waarvan er een paar in Amsterdam zijn. Ik gok echter op de (Joost van den) Vondelschool in Amsterdam in de Jekerstraat, op welke ik de 5e (meeste linkse lokaal begane grond) en 6e klas (meest linkse lokaal op de 2e étage) gedaan heb van medio 1956 tot medio 1958 bij de strenge en vaak ook slaande meneer van Rossum (maar in die tijden vertelde je dat thuis niet, want dan kreeg je van je vader er meteen klappen bij, zonder dat hij naar het hoe, wat en waarom vroeg, want dat deed er voor hem niet meer toe; klakkeloos werd aangenomen: "Dan zul je het wel verdiend hebben".......

Groot plantsoen
"Voornoemde school ligt in een hoek met een groot plantsoen voor de deur. Ik herken de drie lagen: op de begane grond was het middelste lokaal voor de gymnastiek; het lag wat verdiept om meer hoogte te krijgen. In mijn tijd waren er echter behoorlijke bosschages aan één kant en op de foto komt mij het pleintje wel erg leeg voor."

Kennedy
"Toen ik nog in de Vechtstraat tussen Uiterwaardenstraat en Rivierenlaan (van Kennedy hadden we toen nog nooit gehoord) woonde, was de school wel pittig ver weg, vooral voor tussen de middag en niks op de fiets, hè; lopen !! 2x heen en 2x terug op maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag. Gebracht worden met de auto ??? Lachûûûhh !! Mijn vader had wel al lang een auto, maar ik mocht hoogstens een stukje meerijden, als
- we toevallig gelijk de deur uitgingen
- het slecht weer was
- hij "toch die kant uit moest" en
- er echt niet één straat voor omgereden zou worden.

Het zijn Andere Tijden waarin ik ook ontelbare keren heb gehoord "Dacht je, dat WIJ, toen we klein waren met iemand konden meerijden ? Toen WAREN er zelfs vrijwel nog geen auto's !!""

Familie Alberti
"Maar in mei 1957 verhuisde ik naar de Biesboschstraat en dat is de naastliggende parallelstraat; lekker dichtbij. Willeke Alberti zat ook op die school, maar ze verliet die in 1957; ze is een jaar ouder dan ik. De familie Alberti (Verbrugge(n)) woonde in de Vechtstraat, maar vlakbij de Vrijheidslaan en dat is dus een stuk dichterbij de school, dan waar ik destijds woonde in de Vechtstraat. Of broer Tonny ook op de Vondelschool zat, weet ik niet. Toevallig: hij woont dan nu (net als ik) al een aantal jaren in Hoofddorp."

Familie Krabbé
"Liep ik vanuit de Biesboschstraat via de Waalstraat naar school, kwam ik langs de woning van de familie Krabbé. In elk geval heeft Jeroen niet op de Vondelschool, maar op de Kohnstamm- school in de Uiterwaardenstraat gezeten en daar kent mijn broer hem dan weer van, zelfde jaargang, maar een parallelklas."

Roerstraat
"De Roerstraat, parallel aan de ándere zijde van de Biesbosch-straat, was een spiegelbeeld van de Jekerstraat; dus ook zo'n pleintje met een school en een tunneltje naar de Roosevelt- laan, zoals de Jekerstraat die had naar de Churchill-laan." Intussen ben ik 71 jaar, "met pensioen" en woon ik al 44 jaar in Hoofddorp - tja, tempus fugit........"

Namen
Later stuurt René Polanus nog een mail, waarin hij zich afvraagt of hij de oplossing al had gestuurd (ja dus) en met nog een paar aanvullingen. "Bijgaand nog een paar pagina's uit het fotoalbumpje dat wij bij ons afscheid in 1958 kregen. Ik zou alleen niet meer weten welke namen bij welke gezichten horen. Ik noem een paar onderwijzers/onderwijzeressen (ja, zo heetten ze destijds !) van links naar rechts op de foto:
meneer van Ooijen (ook wel "meneer vol vlooien" genoemd)
mevrouw Rietmeijer ??
mevrouw ??
mevrouw van der Plas ??
mevrouw Kalshoven
meneer van Rossem (of Rossum; weet ik niet meer; bij hem zat ik die twee jaar in de klas);
schoolhoofd meneer van der Mel ("Melletje")
mevrouw ??
meneer Weber ??

"Maar ze zien er toch wel allemaal keurig netjes uit, nietwaar ? Die meneer van Rossem/Rossum altijd in driedelig donker-grijs of donkerblauw. En niet één met overgewicht. Kom daar maar eens hedentendage om op een foto van alle docenten: qua uiterlijk een zootje ongeregeld van hier tot gunder."
We plaatsen de foto's die René mee stuurde bij dit artikel omdat ze A. leuk zijn en B. misschien anderen de namen wel weten.

Vlak na de oplevering
Vanzelfsprekend hebben we ook onze vaste inzenders, onder wie uiteraard Gielijn Escher: "We zijn in de Rivierenbuurt en wel in de Jekerstraat met zicht - van rechts naar links - op de huisnummers 80 t/m 94. De foto moet vlak na de oplevering zijn genomen. Thans is het een zeer lommerrijke en geenszins verpauperde buurt. Alles staat er pico bello bij."

Na de bloeiperiode
"De bouw dateert van na de bloeiperiode van de Amsterdamse School, maar in het schoolgebouw valt hier en daar nog wel een echo van deze bouwstijl te herkennen. In groot contrast daarmee staat de welhaast 'Moors' aandoende hoek van het woongebouw; een unicum in de Rivierenbuurt!"

Atleten
Mike Man is er ook: "De raadplaat toont m.i. deze keer de Jekerschool, later Vondelschool genoemd, aan de Jekerstraat 84 in Zuid, gebouwd in 1927. De foto dateert van ca. vijf jaar daarna. In 1928, tijdens de Olympische Spelen in Amsterdam, zijn er tijdelijk atleten ondergebracht. Niks olympisch dorp!"

"Tijdens de bezetting werd de school door de Duitsers omgedoopt in Joodsche School 11; o.a. Margot Frank, oudere zusje van Anne, en later ook Willeke Alberti hebben op deze school gezeten."
"Van de Jekerstraat zelf kan ik me alleen herinneren dat er een schoolvriendje van mij woonde, vlak om de hoek van zo'n poortje naar de Churchill-laan. Hij heet(te), denk ik, Hans Kruitwagen en is na school bij modemagazijn Meddens op de Heiligeweg gaan werken. Natuurlijk scheiden na school de meeste levenswegen, al is dat soms wel jammer."

Willeke Alberti
De Mollen en de Koningen hebben het ook weer bij het rechte eind: "De Raadplaat komt dit keer uit Amsterdam-Zuid. Het is de Jekerschool aan de Jekerstraat 84. In 1937 is de Jekerschool door het gemeentebestuur omgedoopt tot Vondelschool. Dit omdat na de sluiting van de Vondelschool, elders in Amsterdam, er geen enkele andere school de naam van Joost van den Vondel droeg. Herinneringen hebben we niet aan deze school, behalve dan dat Willeke Alberti er op heeft gezeten."

Dependance in de Lekstraat
We sluiten het rondje Jekerstraat af met de inzending van Ruud van der Vliet die eveneens hier op school zat: "Volgens mij is het de (voormalige) Vondelschool in de Jekerstraat. Van 1946 t/m 1948 heb ik op de Vondelschool II gezeten. Dat was volgens mij een dependance in de Lekstraat. Daarna werd het de prof. Kohnstammschool in de Uiterwaardenstraat. Kan me er niet zoveel meer van herinneren behalve dat we van uit de P.L.Takstraat het bruggetje overgingen, de Churchillaan over moesten steken en via een poortje in de Jekerstraat naast de school uitkwamen."

Da nazit
In de nazit komen we terug op de vorige raadplaat, die van het Linnaeushof. Bijde inzenders viel de naamsnorretje en An Hooghiemstra-Kleijn weet wie daarmee wordt bedoeld: "De naam die werd bedoeld met snorretje is P. Voorwinden. Mijn moeder kocht er ook altijd en wij als kinderen mochten er ook snoep uitzoeken. We zeiden altijd Oom Piet(je). Met zijn vrouw runde hij de zaak en ze woonden om de hoek in de Frauenhoferstraat."

Muziek- of danslessen
En dan komen we bij Hans Mol, die van zijn inzending veel werk heeft gemaakt: "De raadplaat leunt sterk op straat, plein, gebouw ect. doch over buurten en stadswijken is vaak veel op te merken. Zo herinner ik mij dat er in de Watergraafsmeer veel mensen wonen die werkzaam zijn in het onderwijs terwijl je er ook (na de oorlog ) aan huis terecht kon voor b.v. muziek- of zanglessen dan wel lessen kon volgen om een Middenstandsdiploma te behalen. Ook veel Universiteits medewerkers woonden in de Meer."

Nico van der Horst
"In de laatste krant betrof het het Linnaeushof waaraan ik dierbare herinneringen koester uit mijn lagere school jaren (1943-1949 ). Ofschoon Nico van der Horst hoofdonderwijzer was op de Sint Laurentiusschool in de 2e Oosterparkstraat woonde hij aan het Linnaeushof no 18 en nu beland ik bij de dingen acht de dingen."

Grote dienstwoning
"Bij genoemde school behoorde een grote dienstwoning en die was natuurlijk veel te groot voor het echtpaar van der Horst. De school was gebouwd in 1892 en het toenmalige schoolhoofd, Leonard de Pater, had een groot gezin. Nico v.d. Horst was al omstreeks 1910 als onderwijzer al aan de school verbonden en hij volgde meneer de Pater op die overleed in 1926."

Statuur
"Meneer van der Horst groeide op in de Spaardammerbuurt maar in mijn herinnering had hij meer statuur dan nu een minister en hij had wat je noemt "de wind eronder " Hij hield van een goede sigaar ( het kruid der tevredenheid ) en dagelijks een borreltje. Hij mocht graag vissen en was een hartstochtelijk esperantist.
In het jaar van de hongerwinter was er nauwelijks onderwijs terwijl de gymzaal in gebruik was als gaarkeuken. Wie na de oorlog naar de HBS of gymnasium wilde, kreeg in de 6e klas een heel jaar bijles en dan maar hopen dat het lukte want de nodige leerlingen gingen naar de MULO en het overgrote deel naar de Ambachtsschool.Ook was het mogelijk om in het laatste schooljaar bijlessen te krijgen in Frans, Duits of Engels. Er was toen maar een jongetje voor Duits en dat ging mooi niet door."

Pedagogische opvattingen
"Met de pedagogische opvattingen van toen wilde het ook al niet erg vlotten. Het schoolreisje 1949 ( 3 dagen ) ging naar Oud-Valkeveen.Er waren 4 leerlingen wiens ouder het bedrag van 4,00 gulden niet konden ophoesten en dat is natuurlijk wel heel erg zuur. Een paar dagen voor vertrek kwam meneer van der Horst opgetogen de klas binnen om mee te delen dat hij namens het bestuur één gratis deelname mocht verloten en ik trok het lot met "ja".

Over zuur gesproken
"In september 1957 ging Nico van der Horst na 50 te hebben gegeven aan het onderwijs met pensioen en werd hij begiftigd met de pauselijke onderscheiding "Pro Ecclesia et Pontifice".
"Als ik dit alles opschrijf, klotst mij het water in de ogen. Wat graag had ik hem nog eens gesproken."

Nieuwe raadplaat

De nieuwe raadplaat waar u uw tanden op kunt stukbijten is er één van een statige straat dan wel laan. De foto is genomen in een trijd dat auto's nog een zeldzaamheid waren, want tegenwoordig is het wel 'iets' drukker met mobiel blik.
Weet u waar de foto is genomen en heeft u mooie anekdotes? Wij zijn er gek op. U kunt uw inzending mailen naar
info@amsterdamsekrant.nl