De Amsterdamse Krant

5 september 2016

De Amsterdamse Krant 5 september 2016


Drink eens een Hempje licht op of een heerlijk Naveltje bloot

De Ooievaar ergens aan het begin van de vorige eeuw. Foto: deooievaar.nl.

Onlangs kregen wij van een lezer zomaar een leuke mail: "Pas geleden liep ik in de Sint Olofspoort langs proeflokaal de Ooievaar en ik vroeg me af of er misschien lezers van de Amsterdamse Krant zijn die mooie verhalen hebben over deze, volgens mij, oudste distilleerderij van Amsterdam? En op de kop van de Zeedijk zit een kroeg die de Ooievaar heet. Is daar een link tussen?" Deze vragen legden we aan u voor en dit zijn de antwoorden.

Eerst even een belangrijk feit: sinds juli is het ambacht fijndistilleren van genevers en likeuren te Amsterdam, uitgeoefend door Van Wees met haar Amsterdamse distilleerderij De Ooievaar (officieel geheten Van Wees Distilleerderij de Ooievaar), opgenomen in de Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed.
Ere wie ere toekomt, want het is belangrijk dat dit belangrijke ambacht voor eeuwig bewaard blijft. En voor De Ooievaar is dit een belangrijk wapenfeit, want A. van Wees anno 1883/distilleerderij de Ooievaar anno 1782 omvat de enig overgebleven, ambachtelijke distilleerderij in Amsterdam. De Ooievaar is gevestigd in de Driehoekstraat in het hart van de Jordaan. Ooit waren er veel distilleerderijen, met name in de Jordaan en meer specifiek in de noordpunt. Maar vrijwel allemaal legden ze het loodje. Bij De Ooievaar werken ze nog steeds met oude recepten van heerlijke drankjes met illustere namen als Hempje licht op, Roosje zonder doornen, Naveltje bloot en Vergeet mij niet, een drankje dat vrouwen volgens de overlevering bij de Schreierstoren meegaven aan hun zeevarende zonen en mannen.

Verloedering
Amsterdammer G.J Beumer kent De Ooievaar uit zijn jeugd. "Wonende in de Kostverlorenstraat bezocht ik de lagere school van de Broeders van Sint Louis op de Keizersgracht 87. Daardoor liep ik viermaal per dag over de Westerstraat waarvan een stukje werd gedomineerd door het karakteristieke pand van Van Zuylekom, de fietsenwinkel van Bustraan (R.I.H.) en de lijstenwinkel van Petri. Het stuk tussen de Lijnbaansgracht en de Violettenstraat (met de opslagplaats van Perlee-orgels) werd meestal voetballend overbrugd, waarbij het laatste tikje beslissend was voor de overwinning. Dat de bal vaak in de Lijnbaansgracht terechtkwam, werd voor lief genomen. Met de firma Van Zuylekom hadden wij als kind niet zo veel, temeer daar een klasgenoot stamde uit de eveneens befaamde stokerijfamilie van Van Wees uit de Driehoekstraat."

Zo presenteerde De Ooievaar zich lang geleden op de Jaarbeurs.

Vier zonen
Vader Ad van Wees had vier zonen: Jan, die in 1953 is verongelukt - met hem speelde ik jaren in het tweede team van RKAVIC - de tweede was Henk, die ik als keeper van het eerste van RKAVIC ben opgevolgd. Ad, inmiddels overleden, was een klasgenoot en Cees (oud-Nederlands kampioen kogelstoten) heeft de firma jaren geleid en is opgevolgd door zijn dochter Fanny."

Van Zuylekom
Distilleerderij De Ooievaar mag dan nu officieel cultureel erfgoed heten, toch is het niet de bekendste distilleerderij in Amsterdam als we de verhalen mogen geloven. Dat was wel (likeur)distilleerderij Van Zuylekom dat drie eeuwen heeft bestaan en waarover niet zo lang geleden in het Amsterdam Museum een tentoonstelling was. Van Zuylekom was gevestigd in de kleine bedrijfspanden van het Rinsche Anijsvat aan de Anjeliersgracht (nu Westerstraat), waar bijna drie eeuwen lang likeuren en jenevers werden gestookt. De distilleerderij, ooit eigendom van Jacob Bols, werd in 1754 overgenomen door Frederik van Zuylekom. Het bedrijf ontwikkelde zich tot een likeurstokerij van wereldfaam. De laatste eigenaar was Erik Blaisse (1922), in Amsterdam bekend als Ome Zuyl. Hij dreef de firma dertig jaar en bouwde in die tijd ook een unieke verzameling antieke glazen en flessen op. In 1982 viel het doek, vanwege onder andere vergrote concurrentie, prijsverlagingen en distributieproblemen.

Zuypjekrom
Theo Curière schrijft dat zijn opa op 1 augustus 1909 als distillateur bij Van Zuylekom in dienst kwam en het er uithield tot zijn 65ste. "Het familieverhaal is dat er thuis niet werd gedronken uit principe. Vader lief, toe drink niet meer, u kent het wel, en wij waren links. Er was ook een winkel bij Van Zuylekom waar je een maatje drank kon krijgen." Veel meer dan dat is niet bekend, maar hij heeft nog een geweldige uitsmijter, en wel de bijnaam van Van Zuylekom: Zuypjekrom.

Tot slot is er nog die vraag: heeft distilleerderij De Ooievaar iets te maken met het gelijknamige proeflokaal op de kop van de Zeedijk. Het antwoord: helemaal niets. Alleen de naam is hetzelfde.

Nieuwe raadplaat

We gaan weer eens wat verder terug in de tijd en durven dit aan omdat deze straat volgens ons - maar we zijn er een tijd niet meer geweest - nog goed herkenbaar is. Het is een straat in een buurt waar de afgelopen jaren wel veel is veranderd, dat dan weer wel. we zijn weer benieuwd naar uw inzending en natuurlijk naar alle mooie verhalen die erbij horen.
Uw inzending kunt u zoals gewoonlijk mailen naar
info@amsterdamsekrant.nl.

Marathon

Zondag 21 oktober wordt de 37ste editie van de Amsterdam Marathon gehouden. De eerste editie was in oktober 1975 (zes jaar later kwam Rotterdam pas). 1975 is ook het jaar van de Nieuwmarktrellen (zie het artikel op deze pagina), maar het is tevens de periode dat steeds meer mensen verslaafd raken aan hardlopen met als resultaat de eerste Amsterdam Marathon. Na al die jaren moet het wemelen van de verhalen met een relatie met de 42 kilometer en 195 meter. Over 'de dood of de gladiolen', over pijn en blijdschap, over persoonlijke records of juist dieptepunten en over soms onmenselijke prestaties. Maar er zijn mogelijk ook relaties begonnen of juist op de klippen, eh, gelopen en zo zijn er veel meer herinneringen. Wilt u uw verhaal delen met de lezers van De Oud-Amsterdammer, dan kan dat. De adresgegevens staan rechtsonder op pagina 3.

'Wij vierden hier op 4 mei 1945 de bevrijding'

De raadplaat in de vorige editie.

In elke editie van de Amsterdamse Krant publiceren we de raadplaat, waarbij we de lezers laten raden waar foto's uit de collectie van Simon Blokland of foto's die lezers hebben ingestuurd, zijn gemaakt. Voor een groeiend aantal trouwe lezers is het inmiddels een leuk tijdverdrijf. Soms zijn de foto's makkelijk, soms moeilijk, maar over het algemeen krijgen we veel inzendingen. De raadplaat in de vorige editie zat in de middencategorie: niet makkelijk, niet lastig. Het betrof de plek waar de Admiraal de Ruijterweg, de Van Speijkstraat en de Jan Evertsenstraat een grote ruimte vormden die er op de foto uitzag als een plein. We hebben weer mooie reacties, onder andere van Amsterdammers die hier woonden, die er gewerkt hebben, die er op het dak hebben gezeten én die hier de bevrijding vierden.

We trappen af met de Mollen en de Koningen, die schrijven: "De Raadplaat van deze week geeft het einde te zien van de Jan Evertsenstraat waar deze overgaat in de Admiraal de Ruijterweg met rechts de Van Speijkstraat. Links op de foto met de klok aan de gevel van de Admiraal de Ruijterweg zien we een typisch bankgebouw met marmeren gevel. In het bankgebouw is tegenwoordig een filiaal van Levantjes gevestigd, een tehuis voor kinderopvang. Er zit nog wel een filiaal van ABN Amro naast."

Viersprong met drie straten
Gielijn Escher is er vanzelfsprekend ook weer, met een bijdrage waarin hij onder meer stilstaat bij twee grafische bedrijven die hier waren gevestigd. "We kijken de Admiraal de Ruijterweg in, richting Wiegbrug / De Clercqstraat. Vanwege het wijde perspectief lijkt het of de foto een plein toont, maar het gaat hier om een soort 'viersprong' van drie straten. De Admiraal de Ruijterweg die (op de foto niet zichtbaar) naar links afbuigt richting Bos en Lommer / Sloterdijk. Dan de Van Speijkstraat (hoekpand rechts met zonnescherm) en tenslotte de Jan Evertsenstraat (in de rug, op de foto niet zichtbaar)."

Een groep collega's viert een bruiloft van een collega. De vader van Peter Kok was een van de kornuiten.
Aanleg van de aansluitwissels van de Jan Evertsenstraat naar de Admiraal de Ruijterweg richting Sloterdijk. Foto: amsterdamsetrams.nl
Prentbriefkaart van de Krommert.

Nog intact
"Beide gevelwanden zowel links (even zijde) als rechts (oneven zijde) zijn nog geheel intact. Of toch niet helemaal? De linkergevelwand maakt aan het einde een lichte 'knik' die niet overeenkomt met de huidige situatie, zoals ik die sinds jaar en dag ken. Wat is het geval? In het allereerste begin van de vorige eeuw is het overgrote deel van de Admiraal de Ruijterweg als een soort 'lintbebouwing' aangelegd in het verder nog open land. Pas vele jaren later kwamen gaandeweg de overige wijken in deze regio tot stand. En om de ruime toegang naar de brede Willem de Zwijgerlaan te realiseren, moest eind jaren dertig de bebouwing in de 'knik' worden afgebroken!"

Twee belangrijke grafische bedrijven
Hij vervolgt: "Echt saillante anekdotes heb ik niet, maar niet onvermeld mag blijven dat in dit stuk Admiraal de Ruijterweg twee belangrijke grafische bedrijven waren gevestigd. In de gevelwand links herkennen we het bedrijfspand van Drukkerij Senefelder, niet zo genoemd naar haar oprichter/eigenaar, maar naar de uitvinder van de lithografie Aloïs Senefelder (1771-1834)."
"Aan de overzijde, tegenover de 'knik' zat clichéfabriek Dirk Schnabel (op de foto niet zichtbaar). Was Senefelder, toen ik in de praktijk kwam, al naar Purmerend vertrokken, met Schnabel (later opgegaan in Neroc) heb ik nog veel samengewerkt, alwaar ik dan met meneer Van der Grift het te maken werk besprak."

Aloïs Senefelder
"Beide fraaie bedrijfspanden zijn nog intact. In Schnabel zit nu o.a. een deurwaarderskantoor en in Senefelder o.a. een supermarkt. Maar boven de bedrijfsingang prijkt nog steeds, als een soort heilige, het fraaie (helaas wit overgeschilderde) beeld van Aloïs Senefelder, aan wie wij grafici zo onnoemelijk veel te danken hebben! Het zou zomaar kunnen dat er nog lezers onder ons zijn die indertijd bij Schnabel of Senefelder hebben gewerkt en daar iets moois over kunnen vertellen. Ik hoor het graag!" En hier sluiten wij ons natuurlijk graag bij aan.

De Krommert
Jan Riesenbeck refereert aan de naam van de wijk die we zien: De Krommert. "Op de hoek was de ABN Amro gevestigd en halverwege zat een schoenenwinkel van Lex Rijnen." Deze naam komt verderop meerdere keren terug.

Tramkenner
Paul Graalman is een tramkenner en schrijft het volgende: "De raadplaat van 16-8 toont de Admiraal de Ruyterweg, richting stad, op het punt waar de Jan Evertsenstraat samenkomt met de De Ruyterweg. Wederom dankzij Delpher, waar ik in de 'Naamlijst voor den interlocalen telefoondienst 1936' eindelijk het goede filiaal van de Incasso-Bank vond. In een filialenlijst van 1921 vond ik dit filiaal niet, dus de foto moet ergens na 1921 zijn genomen. Deze bank is uiteindelijk opgegaan in de ABN Amro, dus opmerkelijk: het pand geheel links is nog steeds een ABN Amro-filiaal."

Twee spoorbreedten
"Het markante huis met toren op de hoek met de Van Speijkstraat staat er ook nog en dat maakte een eind aan een lange digitale zoektocht. Een mooie plaat! Nadere bestudering leidde nog tot de volgende bijzonderheid: we zien twee spoorbreedten van de trambaan oftewel een drierailig spoor. Dit traject werd bereden door de stadstram (normaalspoor) en de interlokale lijn (meterspoor) naar Zandvoort. De aftakking naar links op de foto is van de metersporige tram, naar rechts is het traject van lijn 13, de Jan Evertsenstraat in."

Trambanen
En we hebben nog een kenner van de Amsterdamse trams, te weten Bert Lieben. Ook hij komt met de bijnaam De Krommert, maar hij schrijft het dan weer met dt. Welke schrijfwijze goed is weten we niet, maar met dt staat wel chiquer. Bert Lieben heeft nog een bonus: hij heeft hier gewerkt. "Nog steeds met veel plezier lees ik de edities van de krant. Soms zie ik een raadplaat, heb dan een eerste ingeving, maar vervolgens stuur ik die niet op, of vergeet te reageren."
"Dus nu aan de slag. Ik ben van mening dat dit de Admiraal de Ruijterweg is (de Krommerdt) gezien vanaf de Jan Evertsenstraat richting Willem de Zwijgerlaan. De gevel rechts waar je tegenaan kijkt is dan de Van Speykstraat. De trambanen, die helaas slecht zijn te zien, zijn van het GVB (nu lijn 13 en 14) maar toen ook nog een smaller spoor voor de NZH 'blauwe' tram."

Gevelklok
"Ik heb van 1970 tot 1996 in het pand links op nr.82-84 achter de gevelklok gewerkt bij eerst de AMRO Bank en later ABN Amro Bank. Ergens in begin van deze eeuw is het kantoor gesloten. Is nog gebruikt voor de opname van een tv-serie (bureau??)"

"De ingang van het pand links achter de gevelklok is via de traptreden eveneens nog zichtbaar. Deze klok is er niet meer, maar in de gevel daaronder werden destijds de geldautomaten geplaatst. Als de zon fel op het scherm van de automaat scheen, kon men niets lezen en dus werd er een luifel boven opgehangen. Die werd vervolgens een keer in de fik gestoken. In de beginperiode van de geldautomaten gingen we binnen weleens achter de automaat staan en zodra een pasje werd ingevoerd gaven we commentaar alsof de automaat kon 'spreken'. De reacties varieerden soms van boosheid, maar veelal werd er sportief/lachend gereageerd of kregen we een perfecte Amsterdamse opmerking terug."

Mooi plein
"Ik twijfel enigszins omdat u meldt dat het een mooi plein van voor de Tweede Wereldoorlog is. Mij is niet bekend dat daar een plein is geweest. Wellicht weten de nóg ouderen (ik ben nu 74 en dus van de tijdens-de-oorlog-geborenen) dat nog wel of zijn er de regelmatige inzenders die dit, na veel na speuren op internet, kunnen achterhalen." Noot van de redactie: wij kennen de situatie ter plekke niet zo goed en baseren ons op de foto van deze plek die wel oogt als een plein, maar het dus niet is.

Op het dak gespeeld
Hans van Elteren noemt ook De Krommert, meldt eveneens dat dit geen plein was én heeft hier heel vaak op het dak gespeeld. "Het is nooit een plein geweest zoals u vermeldt. Ik woonde in de Chasséstraat en als jochie van een jaar of 10 kon ik vanaf de zolderetage op het dak klimmen. Dan liepen we naar de Ruijterwegzijde en keken we over de dakrand naar beneden. De trams naar Haarlem en Zandvoort kwamen daar voorbij. Deze trams hadden een smaller spoor dan de stadstrams, hetgeen op de foto duidelijk te zien is."

De Gruyter
"Rechts op de hoek van de Van Speijkstraat was na de oorlog een winkel van De Gruyte. Zelfbediening was er toen nog niet bij. Het personeel achter de toonbank pakte alles voor je wat je nodig had. Op de hoek van de volgende straat, de Chasséstraat, zat en zit nog steeds ijzerhandel De Vijl."

Tram reed de pui binnen
De foto is genomen vanaf de richting Witte de Witstraat, waar in de jaren 50 de tram lijn 7 uit de rails liep: rechtdoor in plaats van af te slaan richting Jan Evertsenstraat. De tram reed rechtdoor en kwam de pui van de speelgoedwinkel binnen."

Ook E. van Gastel, Ton Eijgenhuijsen, Fred van Riemsdijk ("Ik wandelde daar weleens met mijn moeder toen ze nog op de Admiralengracht woonde"), Ton Eijgenhuijsen, Claudia Salvotore, Ed Kamminga ("Die tram op de foto kan best een tram zijn die naar Haarlem en Zandvoort ging, de blauwe tram"), Piet Sterk en Ron de Loo stuurden de goede oplossing in.

Wij hebben hier gehost
Ook Riky de Wit-Lambregts klimt in de pc: "Hallo redactie, dan eindelijk toch een raadplaat van Amsterdam-West. We bevinden ons nu op de Krommert: het plein in de kromming van de Admiraal de Ruijterweg waar in later dagen de Sloterdijker (Kikker) en de Haarlemse tram zich in de richting van Sloterdijk begaven. Rechts ziet u de ingang naar de Van Speijkstraat met op de hoek (na de Tweede Wereldoorlog) een winkel van Albert Heijn."
"Mijn grootvader woonde in de Van Speijkstraat en mijn man woonde er enkele jaren vóór de oorlog en later in de Chasséstraat. Ik woonde in de Lumeijstraat aan de andere kant van de Admiraal de Ruijterweg. Wij hebben op dit stukje straat op 4 mei 1945 's avonds om 9 uur gehost toen bekend werd dat de oorlog was afgelopen. Ach, herinneringen! We wonen nu al bijna 60 jaar in Mijdrecht. Veel succes verder met de krant."

Budapester
Hans Slieker reageert wederom uit Zweden: "De nieuwe raadplaat van 13 augustus leverde niet al te veel problemen op. Wat voor mij duidelijk herkenbaar is is het huidige kantoor van de ABN Amro op de hoek van de Admiraal de Ruijterweg recht tegenover de Van Speijkstraat. Vroeger reed hier de Haarlemse tram (nog net zichtbaar in de verte?) links de hoek om richting Sloterdijk."
"Als kleine jongen heb ik menig keer met m'n ouders een ritje in deze tram (naam van één van de types was Budapester) naar eindbestemming Zandvoort gemaakt om daar een lange, zonnige dag op het strand door te brengen."

Herkenbaar
André Woons is een van de vele stamgasten en schrijft: "Ik vond dit een heel herkenbaar plaatje van de Admiraal de Ruyterweg, want ik heb hier heel wat gefietst toen ik midden zestiger jaren op de Admiraal de Ruyterweg werkte. Gezien vanaf de Jan Evertsenstraat richting Wiegbrug met rechts de Van Speijkstraat. De gedachte aan een plein is nooit bij me opgekomen. Ik vond het meer een grote kruising."

Een tante woonde hier
Lodewijk Beems hoort ook bij de inboedel en meldt: "Zonder twijfel weer een makkie want het gaat hier om een foto genomen op de hoek van de Jan Evertsenstraat en de Admiraal de Ruyterweg, ook genaamd de Krommert, in de richting van de Wiegbrug. Het gebouw links is later overgegaan naar de Amsterdamse Bank."

"Op de hoek van de Van Speijkstraat en de Admiraal de Ruyterweg woonde op 3 hoog een tante van mij. Vanaf het Franse balkon had je prachtig uitzicht over zowel de Jan Evertsenstraat als de Admiraal de Ruiterweg met uitzicht op de halte van de Kikker en de tram naar Zandvoort. Op de achtergrond in de richting van de Wiegbrug staat een gebouw dat ik niet kan thuisbrengen, hoewel ik heel lang in deze buurt heb gewoond. Misschien kan iemand daar nadere informatie over geven?"

En Ab Smienk is er natuurlijk ook weer: "Het is de Admiraal de Ruyterweg die richting de De Clercqstraat gaat. Aan de linkerzijde op de foto herken ik het bankgebouw van de Amsterdamsche Bank. Nu nog is op dat adres een pinautomaat te vinden van de ABN Amrobank. Rechts op de foto zie je de ingang van de Van Speijkstraat."

Sint Janschool
Carla van der Linden zat in de buurt op school: "Volgens mij is dit De Krommert, het kromme stuk van de Adm. dDe Ruijterweg. Wij woonden op de Adm. De Ruijterweg, bij de kruising met de Jan van Galenstraat. Omdat mijn broer Rob en ik op de Sint Janschool in de Kortenaerstraat zaten, kwamen wij dus dagelijks vier keer langs De Krommert."

Ik woonde hier
A.H. Wempe woonde hier: "De raadplaat van 16 augustus is de Admiraal de Ruyterweg gezien vanaf de Krommert in de richting van de Wiegbrug. Aan de rechterzijde de Van Speykstraat. Ik ben hier alweer ca. 50 jaar vandaan, maar heb als kind gewoond op de Adm. de Ruijterweg nr. 239. Ooit ging hier de tram naar Zandvoort rechtsaf."

En dan zijn er natuurlijk Anneke Huijser en haar vader Bram. Ze hebben in elk geval niet overlegd over hun inzending, want Anneke heeft het goed, terwijl Bram, die we toch hoog achten als kenner van Amsterdam, er deze keer naast zit. Anneke schrijft: "Na even zoeken was ik erachter dat deze foto van de Admiraal de Ruijterweg is genomen van de Krommert, met rechts de ingang naar de Van Speijckstraat. In de zestiger jaren woonde ik in de Witte de Withstraat met uitzicht op dit 'plein', hoewel ik het nooit een plein noemde of zo. Wel een druk verkeersknooppunt, waar ik op lijn 13 stapte om naar het Ir. Lelylyceum te gaan waar ik op school zat."

Hugo de Grootplein
Bram zit op een heel ander spoor: "Naar mijn mening is de oplossing van de raadplaat de Frederik Hendrikstraat en het Hugo de Grootplein, met uitzicht naar het noorden op het Frederik Hendrikplantsoen. Mijn zwager en schoonzuster hebben daar vlak bij in de Van Houweningenstraat gewoond."

De Clerqstraat
Robbert van Mourik hengelt in een andere straat, zij het dat hij heel erg in de buurt zit: "Volgens mij is de raadplaat de De Clercqstraat, alleen dat pleintje kan ik niet thuisbrengen. Vanaf mijn zesde jaar liep ik met mijn broers al van de Marco Polostraat naar de Bijenkorf op de Dam, dus liepen wij ook door de De Clercqstraat."

Javaplein
En Gerard Jansen heeft zicht op Oost: "De raadplaat van 16 augustus is volgens mij het Javaplein in de richting van de Borneostraat. Aals ik de tramsporen even als leidraad neem zijn de sporen rechts van de Zeeburgerdijk en links van de Molukkenstraat, lijn 21 reed hier in die jaren."

Nazit
We hebben ook nog twee 'nazitdingetjes'. De eerste is van Peter Kok, die we zowel op deze als op pagina 4 terugvinden. Op die pagina toont Peter Kok een foto van een uniek huis waarin hij jaren heeft gewoond. Over de Konijnenstraat, de raadplaat van twee edities terug, schrijft hij: "Bij het lezen van de zoekplaat Konijnenstraat dacht ik meteen aan mijn vader die hier in 1926 (?) gewerkt heeft bij een koperslagerij. Daar werden onder andere koperen omhulsels voor klokken gemaakt. De foto's zijn gemaakt omdat één van zijn collega's ging trouwen. Dat werd gevierd met bier en er werd ook een draaiorgel gehuurd. Volgens Pa zijn ze ook op de bruiloft geweest en kreeg het bruidspaar een kist met serviesgoed met fabrieksfoutjes. Maar de drank was gelukkig toen rijkelijk aanwezig. Eén van de collega's is nog heel lang bevriend met mijn vader gebleven en samen hebben zij nog een tijdje een fietsenzaak gehad. Wij noemde hem ome Toon. Ik ben benieuwd of er nog mensen zijn die op deze foto's nog oude familieleden herkennen. En ik zou graag vernemen wat er van hen geworden is."

Ponten
Mien Spaergaren-Leemhuis komt terug op de ponten over het IJ én ze pikt nog even een artikel mee over een radio in de Linnaeusstraat: "De raadplaat slaat op het IJ, de ponten liggen op een rij waardoor je kon oversteken. Ik weet niet wat de aanleiding was."

Spoorbomen Linnaeusstraat
"In het verhaal over de radio gekocht in de Linnaeusstraat staat dat de spoorbomen er na 1950 nog waren. Ik ben geboren en getogen in de Transvaalbuurt en weet zeker dat de spoorbomen aan het begin van de Tweede Wereldoorlog weg waren. De spoordijk tussen Muiderpoortstation en het Amstelstation was reeds in gebruik. Waar vroeger de treinen hadden gereden heb ik samen met mijn broertje, gewapend met een zeef, kooltjes gezocht voor het kleine kacheltje. Als het goed had gesneeuwd en gevroren gingen we met een slee van de dijk af, oppassen voor de sloot. Later is bijna op de sloot de Populierenweg gebouwd."

Een fietstocht langs jeugdherbergen van Amsterdam naar Brussel

Ockenburgh was de mooiste jeugdherberg waar Tiny Dragt met haar vriendinnen verbleef.

door Tiny Dragt
Het was 1953 toen mijn zuster en ik besloten samen met onze vriendinnen een trektocht per fiets te maken langs de jeugdherbergen van de NJHC (de Nederlandse jeugdherbergcentrale). Ik was 18 jaar en de oudste van het ploegje en al onze ouders vonden het goed. Je moest je van tevoren aanmelden bij elke jeugdherberg waar je wilde overnachten. Zo'n jeugdherberg werd geleid door een echtpaar en werden vader en moeder genoemd. Je kon tegen een geringe prijs daar overnachten, waarbij je zelf voor je ontbijt en lunch moest zorgen en alleen de avondmaaltijd was bij de prijs inbegrepen.

Inchecken
Je kon om 16.00 uur inchecken en moest 's morgens voor 10.00 uur vertrekken, na wel eerst je corvee te hebben gedaan. De corvee bestond meestal uit afwassen, aardappelen schillen, vloeren dweilen of de WC doen. Dan tuigde je je fiets weer op en vertrok naar de volgende jeugdherberg. Wij hadden een vlaggetje van de NJHC aan onze fiets en zo maakte je onderweg kennis met andere jongens en meiden die hetzelfde deden. Soms hadden ze dezelfde bestemming of gingen onderweg een andere kant uit. Ook in de jeugdherberg maakten wij kennis en daar waren vaak buitenlanders bij. Noren, Duitsers, Vlamingen, Schotten enz. Met ons schoolengels maakten wij ons verstaanbaar en dat ging heel goed. 's Avonds was er vaak wat te doen, zoals volksdansen en zingen uit de bundel 'Jan Pierewiet'.

Duitse jongen
De vader in Beegden nam ons met een groep mee naar de stuw in Linne waar een gids alles uitlegde. Ik heb nog een hele tijd gecorrespondeerd met een Duitse jongen uit Keulen die later verhuisde naar Berlin Wilmersdorf, maar dat verwaterde toen ik schreef dat ik verkering had.

Eenzijdig contact
Wij hielden eenzijdig contact met onze ouders door elke dag een ansichtkaart te sturen, want ja, geen telefoon of mobieltje enz. We hadden in die twee weken mooi weer, maar ook stortbuien. Je kon nooit overal schuilen en zetten dan onze vier fietsen tegen elkaar en maakten een soort tentje met onze jassen en wachten daar de bui af. Onze lunch gebruikten wij langs de kant van de weg met brood en beleg, onderweg gekocht. Soms konden wij met slecht weer in een cafeetje terecht, waar wij warme koffie dronken. Je begrijpt dat wij als vier meiden altijd veel lol hadden en dat trok dan weer leuke jongens aan. We kregen onderweg ook weleens wat, bijvoorbeeld bij een boomgaard waar wij ieder een appel kregen. In Vaals gingen wij de Vaalserberg op naar het drielandenpunt. De volgende dag gingen wij naar Valkenburg, waar wij de grotten bezochten, de Katakomben en een ruïne.

Langs de Maas naar Luik
De dag erna gingen wij vanaf Vaals via Maastricht langs de Maas naar Luik. In Maastricht was het snoepen geblazen, want ja, we hadden nog nooit vlaai gegeten. En ook een friteskraam was nieuw voor ons. We gingen de grens over bij Klein Ternaaien. De jeugdherberg in Luik (Angleur) was een tegenvaller. WC's met halve deuren, die er los voor stonden, een douche zonder deur, een gemengd washok. Overal stonk het en de WC's waren ook nog lek, dus de vloer was zeiknat.
De volgende dag gingen wij op weg naar Brussel. Maar dat haalden wij niet, het was ca. 100 km, maar wij hadden geen rekening gehouden met heuvelachtig terrein, en om ca. 24.00 uur besloten wij om te stoppen. We legden onze fietsen in een droge sloot en kropen er zelf bij om te slapen. Het was een geluk dat wij niet opgemerkt werden door mensen in auto's, op fietsen en vooral dronken jongelui.

Veel bekijks
Om 4.00 uur stapten wij weer op de fiets en arriveerden om een uur of 9 in Brussel. Onderweg hadden wij veel bekijks omdat wij in shorts fietsten. Sommige mensen scholden ons uit. In Brussel was het gauw opfrissen en schoon goed aan en toen Brussel in. We kwamen bij een mooie fontein waar ook bankjes stonden en waarop de twee jongsten in slaap sukkelden. Ook bezochten we een paar grote winkels (o.a. de Grand Bazar en de Sarma) en toen terug naar de jeugdherberg die pas om 17.00 uur openging, dus gingen we maar op het gras liggen, waar mijn vriendin en ik in slaap vielen. Wat wil je ook na zo'n lange fietstocht en slapen in een droge sloot en dan ook nog Brussel in. We lagen die avond vroeg in bed.

Koning Boudewijn
De volgende dag weer Brussel in op zoek naar Manneke Pis en andere bezienswaardigheden. Ook was er kermis en daar was ook een friteskraam, hoera! We zagen ook een optocht en koning Boudewijn kwam voorbij. De volgende dag op weg naar Antwerpen, onderweg spraken wij met een Nederlandse vluchteling uit de Russische zone van Oostenrijk. We ontmoetten ook een handelsreiziger in fietsen, waar ik een heel gesprek mee voerde met als onderwerp de Tweede Wereldoorlog. Best een zwaar onderwerp voor een tiener.

Oude kazerne
De jeugdherberg in Antwerpen was een onderdeel van een oude kazerne, waar we om 14.00 uur arriveerden. Omdat we nogal vroeg waren gingen we eerst maar de stad in met de tram. We stapten uit bij station Middenstatie, we gingen winkels kijken en onderweg lekkere dingen kopen en wat drinken. Daarna met de tram weer terug en ons melden bij de jeugdherberg. De volgende dag richting Breda, onderweg passeerde ons een echtpaar. De vrouw riep aan haar man: "Potdomme zie de dat zunne." Ze bedoelde onze shorts! Dat was voor ons lachen geblazen. In de jeugdherberg ontmoetten wij weer allemaal jongens en meiden die we ook op de heenweg ontmoet hadden en die net als wij op de terugweg waren. We gingen na het eten de stad in en mochten van de moeder een kwartier later binnenkomen omdat er feest was in Breda.

Kermis
Er was kermis met danstenten, schiettenten, drinktenten, goktenten enz. Maar geen draaidingen. Tirolers en een hoempaorkest van de PTT. Precies om 22.15 uur waren we weer terug. De volgende dag op naar Rotterdam, waar wij om 15.45 uur arriveerden. Daar gingen wij na het eten nog even de stad in. De volgende dag naar ons laatste adres, jeugdherberg Ockenburgh in Loosduinen. Dat was de allermooiste van alle adressen. Er was een eigen stuk strand en omdat het snikheet was, maakten wij daar meteen gebruik van. Na het eten was er volleyballen en volksdansen.

Schuimrubber matrassen
We hoefden pas om 22.30 uur naar bed. De bedden waren heerlijke schuimrubber matrassen waar we heerlijk op sliepen en omdat Amsterdam ons lokte stonden wij om 6.15 uur weer naast ons bed en na ontbijt en corvee vertrokken wij om 9.30 uur naar Amsterdam, waar wij om ca.15.00 uur al zingend aankwamen. Onze ouders en wij waren blij elkaar weer te zien. Wij hadden een fijne vakantie.

'Als kind was ik getuige van een razzia'

door Guus Van
Deze herinnering aan de oorlogsjaren verbind ik met het enige fotootje van mij uit die tijd, genomen door een onbekende straatfotograaf in de winter van 1941.
Ik was toen 6 jaar en woonde op de Nieuwe Zonneweg 25 in Tuindorp-Oostzaan. De foto is genomen op het zogenoemde 'Zandje', gelegen tussen de Nieuwe Zonneweg, Algolstraat en de Vegastraat.
Het was een braakliggend stuk terrein met veel zand, waar wij vaak speelden, kuilen groeven enzovoort. Op de achtergrond staan de woningen aan de Vegastraat die ongeveer gebouwd zijn aan het begin van de jaren 30 en nog steeds bestaan. Deze woningen waren voor die tijd luxe, modern en degelijk te noemen, hetgeen vandaag de dag nog eraan is af te zien.

Witte erkers
Op de ramen van de op de foto afgebeelde witte erkers zijn witte verfspatten zichtbaar. Deze ruiten waren namelijk pas nieuw ingezet nadat de bestaande ramen waren vernield door bombardementen die in deze buurt hadden plaatsgevonden. Ook van mijn nabijgelegen ouderlijk huis waren in het begin van de oorlog alle ruiten gesneuveld. Een grote bomscherf vloog daarbij dwars door onze schuur en scheurde toen de achterband van mijn spiksplinternieuwe autoped, die ik vlak ervoor voor mijn zesde verjaardag had gekregen, aan flarden. Omdat er toen geen nieuwe banden meer verkrijgbaar waren, was de pret van de nieuwe autoped in één dag bedorven.

Razzia
De diepste en meest aangrijpende herinnering bij deze foto ligt echter bij een voorval van een geheel andere orde. Op een keer, waarschijnlijk ongeveer een jaar later, spelde zich vanaf de plek waar de foto is genomen een Duitse razzia af waarvan ik als kind een stille getuige was. In een van de woningen aan de Vegastraat ter hoogte van het 'Zandje' werd door een groep Duitse soldaten een kleine tengere Joodse vrouw op wrede wijze uit huis gejaagd, waarbij ze luid gillend en huilend nog probeerde te ontsnappen. Daar werd zij voor mijn ogen ingesloten door de gewapende soldaten, die haar met een soort karwatsen als wild achtervolgden, sloegen en uiteindelijk oppakten en afvoerden.
Als kind besefte je terdege dat zich hier een groot drama voltrok, al bevatte je niet precies de volle omvang van het lugubere tafereel.

Tuindorp-Oostzaan.

Tijdgeest
Thuisgekomen vertelde ik niets aan mijn moeder over wat ik gezien had. Wellicht stond het zo ver af van de alledaagse werkelijkheid uit een kinderleven dat deze niet te plaatsen en onder woorden te brengen was. Het paste denk ik ook in de tijdgeest dat alle gevoelens niet als vanzelfsprekend werden geuit.
In mijn herinnering zal het altijd een apart plekje blijven innemen en mij helpen alert te zijn op het meedogenloze kwaad dat mensen elkaar onder extreme omstandigheden kunnen aandoen.

Wegwuifgebaar valt slecht

door Piet van Delsen
Heb nu pas over de boksschool gelezen en dat herinnerde mij weer aan mijn eigen bokstijd, met twee onprettige incidenten. Ik bokste de halve finale van het Nederlands kampioenschap en werd winnaar op punten, maar meteen brak er een verschrikkelijke hel uit en wilde één trainer zelfs de jury aanvallen. Ook het publiek was aan het joelen. Toen uiteindelijk de gemoederen wat bedaard waren, werd er na overleg aan mij gevraagd of ik het goed vond om de partij over te boksen. Dat vond ik best.

Boksschool Bisschop
Deze partij vond afzonderlijk plaats in de boksschool Bisschop, met alleen familie en pers. Ik wist ook deze partij te winnen, maar wel met aanwijzingen van mijn vader, die ook bokser was. Omdat ik vaak in lichtgebukte dekking stond, zag ik op een gegeven moment onder mijn dekking door mijn vader de opstoot nabootsen. Deze raad leverde de zege op en later stond ook in de krant dat ik had gewonnen door het plaatsen van veel opstoten.

De Waarheid
Na afloop werden we veelvuldig gefotografeerd door de aanwezige pers. Dat vond ik naar voor mijn tegenstander. Dat klinkt misschien vreemd, maar zo ben ik gewoon, en ik maakte toen onbedoeld een wegwuifgebaar. Dat was, zo bleek later, zeer slecht gevallen. Want bij een latere partij werd er opeens klootzak geroepen en dat de verslaggever van de Waarheid die toen ook aanwezig was bij mijn partij.

Firma Last

door J.H. Philip
Naar aanleiding van het stukje over de drogisterij op Kattenburg kan ik u het volgende berichten. Volgens mij wordt met deze drogisterij de Fa. Last bedoeld. Ik werkte in de jaren 50 bij de chemicaliënhandel A. v. d. Linden op de Bickersgracht. De Fa. Last was een klant van ons.

Oude vertegenwoordiger
Er was een oude vertegenwoordiger bij ons in dienst die al de drogisterijen in Amsterdam lopend afliep. Dat was de Heer B. Kanger. Hij kwam een keer in de 14 dagen (op zaterdag) altijd bij deze drogisterij langs om orders op te halen. Ik heb ook nog gehoord dat de Fa. Last vanwege slopen van het pand uitgekocht werd door de gemeente Amsterdam. Het bedrag wat toen geboden werd was volgens de Fa. Last VEEL te LAAG.
Hij heeft toen middels een advocaat een veel hogere prijs voor zijn pand gekregen.

Hofjes in oud West (1)

36

Links: Anna Mariahofje in de De Wittenstraat en rechts: een steen in de gevel ervan met daarop 'Anna Maria Stichting'.

door Adrie de Koning en Jos en Frits Mol

We beginnen langzamerhand het eind van de serie over de Amsterdamse hofjes te naderen. Niet dat we ze nu allemaal al behandeld hebben, maar de meest interessante in de binnenstad en de Jordaan toch wel. In een van de volgende afleveringen zullen we aangeven welke, ons bekende, hofjes er nog meer (geweest) zijn. Maar misschien zijn er nog wel voor ons verborgen hofjes. Laat het ons weten, we zijn benieuwd. We zullen in deze aflevering nog een paar hofjes beschrijven die wat verder van het centrum zijn gelegen en ook wat minder oud zijn. Deze editie behandelen we het Anna Mariahofje en het Remonstrantenhofje. Het Weduwenhofje (Hugo de Groothofje) en P.W. Janssenhofje staan voor de volgende editie op de rol.

Anna Mariahofje
Dit hofje is genoemd naar de zusters Anna en Maria Insinger die het hofje in 1894 hebben gesticht. Zij lieten in de De Wittenstraat over 4 woonlagen verdeeld in totaal 22 woningen bouwen, waarvan 8 voor echtparen en 14 voor alleenstaande vrouwen, die er vrij mochten wonen. Het hofje met 30 bewoners werd beheerd door een stichting waar de Diaconie van de Hersteld Evangelisch Lutherse Gemeente financieel aan bijdroeg. Het tegenwoordige adres van het hofje is De Wittenstraat 73A-81B. Boven de ingang is op een gevelsteen te lezen: 'Anna Maria Stichting'. De architect was C. Bögeholtz. Na de sluiting van het hofje in 1984 is er nog een opvanghuis voor weggelopen meisjes gevestigd. Vervolgens is het begin deze eeuw verkocht aan de Woonmaatschappij Amsterdam, thans Ymere.

Het Remonstrantse hofje is ook bekend als het Van Hallhofje of het Everdina de Lanoyhofje.

Remonstrantse hofje
Het Remonstrantse hofje is ook wel bekend als het Van Hallhofje of het Everdina de Lanoyhofje. De laatste naam staat ook nog boven de ingang. Het is gelegen in de Van Hallstraat 51 tussen de Cliffordstraat en de Bentickstraat. Het hofje is in 1882 gesticht door Everdina de Lanoy die voor de bouw middelen ter beschikking stelde aan de Remonstrantse Gemeente. Het gebouw is ontworpen door de architect A. Timmers en pas in 1910 afgebouwd. Het bestaat uit een gesloten bouwblok met begane grond, eerste verdieping en zolderetage, waar 28 alleenstaande vrouwen van boven de 50 jaar vrij konden wonen. Nadat de binding met de Remonstrantse Gemeente los werd gelaten is het hofje uiteindelijk in 2001 in handen gekomen van woningbouwvereniging Het Oosten. Tegenwoordig wonen er vooral studenten.

Let niet op de rommel (2)

(Vervolg van de vorige editie)
Gelukkig krijgen we medewerking van een van de buren van de dames. Het avontuur kan beginnen! Als we door de brandgang lopen is het niet moeilijk om de woning van de zusters te vinden. We hoeven slechts de pislucht te volgen. Nog een trapje af en we staan voor de woning van de zusters. Sjaak geeft een paar ferme tikken op de toegangsdeur. Dan horen we opeens: "Ik kom, jongens, effe wachten."
Het duurt nog zeker tien minuten voor de deur opengaat. In een walm van urine worden we begroet door een krom, vriendelijk heksje. Ik moet bukken om haar gezicht te zien. Ze geeft me een knokige hand. Op haar smalle neus staat een joekel van een bril, waardoor haar ogen extra groot lijken. Ze stinkt verschrikkelijk naar pies.
"Kom binnen, jongens", zegt ze blij verrast. "Let niet op de rommel."
We doen een paar stappen naar binnen en staan met zijn vieren in de kleine woonkamer. Dan vraagt Joop: "Mevrouw, waar is uw zuster nu?" Mevrouw Koster kijkt de agent vragend aan. "Zuster? Heb ik een zuster?" En dan: "O ja, die is even boodschappen doen."
Ik kijk ondertussen snel om me heen. De boel is hier al tijden niet afgestoft, laat staan schoongemaakt. De versleten vloerbedekking blijft aan mijn schoenen plakken van de vettigheid. Ik zie ranzige potjes en pannetjes in de keuken, ook vastgekleefd aan het oude granieten aanrecht. En dan nog de tientallen volle luiers, overal door de woning verspreid. En inderdaad, geen zus te bekennen.
"Maar," hoor ik Sjaak zeggen, "gisteren was ze nog uit haar bed gevallen, weet u wel? Toen hebben we haar daar samen weer neergelegd."
Hij wijst naar het tweepersoonsbed in de hoek van de kamer. Het lijkt allemaal tegen dovemansoren gezegd, want vriendelijk zegt mevrouw Koster: "Ga zitten jongens, ga zitten, neem een koekje."
Daarbij wijst ze op een groezelige trommel die op haar overvolle salontafel staat. "Wat komen jullie eigenlijk doen?"
Als ik naar de vettige stoelen kijk, blijf ik liever staan en ik denk dat mijn collega's daar ook zo over denken. Het koekje slaan we beleefd af. Net als ik antwoord wil geven op haar vraag horen we gestommel op de trap. Joop gaat kijken of er iemand naar boven komt.
"Daar heb je haar zuster", fluistert hij. Hij wenkt ons. "Moet je zien, ze kruipt op handen en voeten naar boven, dat kan toch niet!"

De Gazelles waren niet meer van deze tijd

door Franck van Dooren
Wie kent ze niet: AD 201, 202, 203, met geluk een 204, 210 en een 218. Dit was de tijd dat D-2 nog tot aan Sloten liep. Op groep 5 duurde de autosurveillance twee uur, gevolgd door één uur binnendienst en er werd in die twee uur een redelijk aantal kilometers afgelegd.
Dit alles veranderde met de komst van de diverse wijkteams. Alhoewel het heel normaal was om ook in andermans wijkteam te surveilleren, nam het aantal auto's dat voor de gemiddelde diender ter beschikking was af, zo ook aan de Warmoesstraat.

Voetsurveillance
Nu was de voetsurveillance altijd al een vooraanstaand onderdeel van de dagindeling, maar zonder auto-ondersteuning werd er door de dienders toch flink geklaagd. Recalcitrante verdachten die moesten worden overgebracht gingen voorheen met een surveillanceauto, omdat er altijd wel één in de buurt was die niet hopeloos vast stond in het verkeer, etc. etc.

Muurvast in het verkeer
Vooral dit muurvast staan in het verkeer leidde tot het gevoel dat er iets gedaan moest worden, zodat spoedeisende klussen binnen een redelijke termijn gedaan werden, zonder dat dienders al zuchtend, puffend en zwetend naar de uithoeken van het wijkteam moesten rennen. Derhalve werd er uitgekeken naar alternatief vervoer. Eerst werd de dienstfiets weer van stal gehaald, zo'n oerdegelijke Gazelle.
Geen al te groot succes. De Gazelles waren niet meer van deze tijd: te groot, te zwaar, te gevoelig voor lekke banden. De Districtsleiding, niet voor één gat te vangen, wist een deal te maken met een plaatselijke fietsenwinkel en plots was het wijkteam Warmoesstraat het eerste wijkteam in Amsterdam dat zich verplaatste per mountainbike.

Mountainbike
Alhoewel gevoelig voor onderhoud was de surveillance per mountainbike in mijn ogen een groot succes: het was stil, onopvallend en verbazingwekkend snel. Mede door de gevoeligheid voor onderhoud kregen een aantal dienders, waaronder ik, een spoedcursus in mountainbike-onderhoud van de fietsenwinkel, alsmede een uitgebreid onderdelenpakket. Het onderhoudsprobleem werd op deze manier ondervangen.

Vier Aprilla's
Nu waren er al twee offroadmotoren op het bureau, die nauwelijks stil stonden, weer of geen weer. Met dit gegeven in gedachten werd besloten een proef te houden met bromscooters. Een viertal Aprilia's werd aangeschaft en voorzien van politielogo's.
Ik was een van de personen om een scooter op te halen van de winkel en tijdens de uitleg hoe de scooter te starten, berijden etc. werd mij de vraag gesteld hoe ik hem wilde hebben, te weten gelimiteerd of origineel.
Nu zijn dit Italiaanse scooters en de wetgeving in Italie staat een snelheid toe van zo'n 70 km/uur. Dit was een heel makkelijke vraag om te beantwoorden, namelijk origineel natuurlijk.

Scooter
Met de indiensttreding van de scooter verdween binnen een opvallend korte tijd de opgevoerdebrommer/scooterscene uit de omgeving. Werden voorheen grote aantallen opgevoerde brommers en scooters gesignaleerd in de buurt, na een aantal staandehoudingen van bestuurders van deze vervoermiddelen ging het gerucht in het rond dat zij het doelwit waren van een project en bleven derhalve angstvallig uit de buurt.

Helaas duurde dit niet al te lang, omdat onze collegae van de motordienst hier lucht van kregen en de leiding voor een ultimatum stelden. De scooters moesten gesmoord worden tot een wettelijke snelheid van 40 km/uur.

Chef van dienst

door Theo Evers
Mijn eerste avonddienst aan bureau Warmoestraat als chef van dienst. Ik nam de dienst over van mijn collega en bekeek de lijst met arrestanten op het bord aan de muur. Zoals gewoonlijk zaten de cellen weer eens vol, maar mijn aandacht werd plotseling getrokken door rumoer in de cellengang.
Ik zag dat twee collega's daar bezig waren om een zogenaamd 'drenkelingenpak' (dit is een groenkleurige papieren overall, meestal gebruikt voor mensen die in het water zijn gevallen) aan te trekken.
Hierna zag ik dat zij met een schaar enkele gaten knipten in plastic fouilleringszakken, deze plastic zakken vervolgens over hun hoofd trokken en dat zij latex fouilleringshandschoenen aandeden. Zij zagen er uit als maanmannetjes.
Ik opende de tussendeur naar de cellengang en vroeg hen wat er aan de hand was.
"O, niks bijzonders", was het antwoord. "We moeten even een arrestant gereedmaken voor transport naar het hoofdbureau, maar deze man is nogal kwaad en staat in zijn cel klaar met zijn eigen poep in z'n handen om deze naar ons te gooien als wij de celdeur opendoen." Alsof het de gewoonste zaak van de wereld was, liepen zij vervolgens naar de bewuste cel. Ja hoor, ik was weer terug op het honk!

Leraar Hoetmer ging met leerlinge Anita Stier

De Middenmeerschool aan de Lavoisierstraat.

door Hans Peijs
Aan schooltijd bewaar ik alleen maar mooie herinneringen, met name aan de periode op de Middenmeerschool aan de Lavoisierstraat in Amsterdam-Oost. Die heet nu College De Meer, want zo gaan die dingen.
Ik heb er van 1970 tot en met 1974 gezeten. Daarna ging ik naar de Christelijke Scholengemeenschap Amsterdam-Oost die tegenwoordig Pieter Nieuwlandcollege heette. Dat was ook een topschool, maar toch minder dan die mavo vlak bij de Jaap Edenbaan.

Leerkrachten
Namen en rugnummers uit die tijd heb ik nog. Directeur was ene Cnossen, een strenge vent. Van de leerkrachten herinner ik me als eerste Pekelharing (hij gaf Frans), Bos (wiskunde) die in de flat Frissenstein in de Bijlmer woonde en een heel fijne leraar was (raar trouwens dat je dit soort details zoveel jaar later nog weet), en niet te vergeten de leraar Duits, Jansen. Die was nogal verstrooid, waar wij graag gebruik van maakten. Ooit legden we een moertje onder zijn bandrecorder, waarna hij zeker een kwartier heeft gezocht waar dat vandaan kwam.

Lemstra
De leraar handenarbeid heette Lemstra en biologie werd gegeven door Hoetmer, die 'ging' met een leerlinge met de mooie naam Anita Stier (zij kwam uit Diemen waar ze bij mijn drie jaar oudere broer broer in de klas heeft gezeten). Dat was groot nieuws en die relatie zal nu nu vast niet meer bestaan, toch? Ook was er een heel populaire leraar die Kuiken heette en die scheikunde gaf.

Ongeval
Nooit zal ik het moment vergeten dat bekend werd gemaakt dat de lerares aardrijkskunde Mulder bij een ongeluk in Engeland om het leven was gekomen. Ze liep daar op de stoep en werd zomaar aangereden, bizar. Op dat moment hadden we een sportdag die natuurlijk meteen stil werd gelegd.

Leerlingen
Namen van leerlingen die er toen ook op school zaten, heb ik ook. Zat zelfs. Polly van der Sloot, een donkere dame die elke jongen deed smelten. Ze woonde in de Bijlmer. Peter Stoffers, een maatje van me, die honkbal speelde en op 'het hofje' vlakbij woonde. De artistieke Arthur Gunter Moore, die teksten voor het schoolcabaret schreef. Dolf van Kuijen (of was het Van Kuijlen?), die tegenover de school woonde en die net als zijn broer Donald goed kon tennissen. Niet te vergeten de excentrieke Harry Voorn, die in een heel mooi huis op het Alexanderplein bij de Muiderpoort woonde. De donkergekleurde Lesley Tol speelde bij Ajax, net als Erik van Aken die op de hoek van de mr. P.N. Artzeniusweg en de Hogeweg woonde. De mooie Christie Holtkamp uit Duivendrecht, met een jonger broertje een paar klassen lager. En Ria van Olst natuurlijk, die nu Facebookvriend van mij is. Met Ria had ik enige tijd verkering.

Haentje
Het schoolleven speelde zich af op het schoolplein, maar vooral bij de snoepwinkel in een winkel waar de Radioweg de Johannes van der Waalsstraat kruist, de speeltuin op het Mariotteplein waar we vaak schommelvoetbal speelden en natuurlijk snackbar Haentje.
Ik ben benieuwd of veel personen die toen ook op deze school zaten dit allemaal herkennen. En ik hoop dat ik eindelijk eens een klassenfoto kan zien waar ik op sta. Want gek genoeg sta ik op niet één klassenfoto uit die tijd. Ik heb dit allemaal toch niet gedroomd?

Klikklakkers

Begin 2014 stopten we met de rubriek 'Dit komt nooit meer terug'. We zijn erachter dat er nog genoeg valt te melden over dingen, beroepen en gebeurtenissen die nooit meer terugkomen.

door Elly van Halst
Klikklakkers. Geen idee dat ze zo heetten, maar een vriendin van mij wees me op deze zoekterm. Klikklakkers, een rage uit 1971. De klikklakkers werden gevormd door twee plastic balletjes aan weerszijden van een touwtje met in het midden een ring waar je je vinger doorheen kon steken. Vervolgens schudde je heel snel met je hand op en neer en gingen de balletjes aan de onder- en bovenkant van je hand tegen elkaar aan. Als je het maar snel genoeg deed, ontstond dus dat geluid dat klikklak heet.
Hele volksstammen deden het. En ook hele volksstammen hielden er een beschadigde pols aan over. Want het probleem was dat de balletjes elke keer venijnig tegen je pols stopten en dat deed zeer.

Reeds verschenen
In de voorganger van deze rubriek verscheen in respectievelijke volgorde: de blauwe girobus, de brievenbus aan de tram, kruidenier P. de Gruyter, de vuilnisemmer met nummer, de verkeersagent, de telefooncel, de Afghaanse jas, de tv-antenne, de voddenman, dubbele remmen op de tram, de open tramwagen, rieten vloerbedekking, de ratelman, de schillenboer, bakkerskar en drollenprikker (deze in één aflevering), matten kloppen, de ponskaart, de postzegelautomaat, 'vleesch voor honden en katten', de brandmelder, de scharensliep, de spaarzegel, het licht- en gasmuntje, warmtekrulspelden, drankje Trio en aardappelschilcentrifuge (de laatste drie in één aflevering), de knijpkat, de looien draaier, ijsstaven, het badhuis, losse melk, de kattenbakcentrale, pruimtabak, de triotrack, de letterzetter, de bruggentrekker, de klaar-over en knipperbol, de marskramer, de dienstbode, de rekenliniaal en passerdoos (in één aflevering), de kruier, de filmrol, de pompbediende, de straatveger, de parlevinker, de tonnenmaker, de telex/telefax, de koetsier en de zuurkar. Recent is hier in de Amsterdamse Krant aan toegevoegd: de Lach, het cassettebandje, de floppydisk, de alpinopet, Dick Bos, het petroleumstel van Haller, speldjes om te sparen, het Winterboek, voetbalpoppetjes, het Joodje, kurk aan de wand, het pilopak, de draadomroep, de transistorradio en de zeepklopper.

Machtig Mooi Mokum: 'Ssst, roestig, roestig'

De eerste Amsterdamse Floriade van 1972 was de drukstbezochte tuinbouwtentoonstelling ter wereld tot dan toe. Ik was 23 jaar en zal nooit vergeten dat ik in de stand van Israël mijn eerste broodje shoarma at. Ik kende toen alleen nog de broodjes halfom en Krakówworst van Sal Meijer in de Jodenbreestraat. In de jaren 70 raakten voor radbrakende rock-'n-rollsterren de broodjes van Kootje en de kroketten van Van Dobben even uit de gratie. Shoarma, dat was het. Als we trombonist Kees Schuyt en diens broer Robbie (gitaar) na een optreden naar huis brachten, kwamen we over het Pretoriusplen (nu Steve Bikoplein). Daar had Addy een shoarmazaak waar je om twee uur 's nachts nog terecht kon voor een broodje. Midden in een woonwijk was het toezicht op zijn vergunning niet zo streng als nu, maar kennelijk was Addy toch bang die te verliezen. Wij reden meestal met een busje plus drie auto's, die je bij gebrek aan parkeerruimte maar even op de stoep of dubbel parkeerde. We zullen bij het uitstappen wel luidruchtig zijn geweest, want zodra Addy ons het plein op zag rijden kwam hij al naar buiten gerend. "Sst, roestig, roestig! Denk ane maine vergoening! Schnel binnenkomen. Eerste pielsie is van Addy!"

Al gauw kwamen wij ieder weekend na een optreden of repetitie bij Addy een broodje halen. Soms was het te druk in de zaak om ons aan te zien komen. Kwam het hele gezelschap opeens in polonaise binnenstormen, onder het zingen van het bekende Israëlische volksliedje 'Hava Nagila Hava' (Laat ons gelukkig zijn), maar dan met onze eigen Mokumse tekst: 'Broodje, broodje shoarma, broodje shoarma, broodje shoar-har-ma'. Dat werd geen hit, maar het broodje werd een blijvertje.